Wanneer plakproeven bij eczeem?

Veel mensen vragen zich af wanneer plakproeven bij eczeem nodig zijn, vooral als hun huidklachten ondanks behandeling blijven terugkomen.

Veel mensen denken bij het woord ‘allergie’ aan hooikoorts of voedselallergie. Bij contactallergisch eczeem werkt het meestal anders. Dan gaat het om een vertraagde afweerreactie van de huid, ook wel een type IV-reactie genoemd, op een stof waar je huid steeds opnieuw mee in aanraking komt. Denk aan ingrediënten in cosmetica, handschoenen, haarverf, metaal, lijmen of conserveermiddelen. De Nederlandse richtlijnen maken daarbij een belangrijk onderscheid tussen irritatief contacteczeem en contactallergisch eczeem. Bij irritatief eczeem raakt de huid direct beschadigd, bijvoorbeeld door veel water, zeep, schoonmaakmiddelen of ander nat werk. Bij contactallergisch eczeem gaat het juist om een overgevoeligheid voor een specifieke stof.

Waarom is dat verschil zo belangrijk? Omdat de aanpak anders is. Bij irritatief eczeem draait het vooral om huidbescherming, minder blootstelling en het herstellen van de huidbarrière. Die huidbarrière kun je zien als een muur van bakstenen met cement ertussen: de huidcellen zijn de bakstenen, en de vetten en eiwitten ertussen vormen het cement. Als dat cement beschadigd raakt, wordt de huid kwetsbaarder. Bij contactallergisch eczeem ligt de kern ergens anders: dan moet je de verantwoordelijke stof of stoffen zien op te sporen en die gericht vermijden. Zonder die stap kun je nog zo zorgvuldig smeren en behandelen, maar blijft het eczeem vaak terugkomen of chronisch aanwezig. Daarbij kunnen verschillende vormen van eczeem ook nog naast elkaar bestaan, bijvoorbeeld constitutioneel eczeem én contacteczeem of irritatie én allergie.

De plakproef, ook wel epicutane test of patch test genoemd, is de gouden standaard voor het aantonen van contactallergie. Dat betekent: dit is de beste test die er momenteel is om te onderzoeken of je huid allergisch reageert op bepaalde contactstoffen. In de Nederlandse huisartsenrichtlijn wordt de sensitiviteit en specificiteit van deze test vaak geschat op ongeveer 70 tot 80 procent. Dat is goed, maar niet perfect. Een negatieve uitslag sluit dus niet altijd alles uit. En een positieve uitslag betekent ook niet automatisch dat die stof echt de oorzaak is van jouw eczeem. De uitslag moet altijd worden bekeken in de context van jouw klachten, de plek van het eczeem en de stoffen waar je in het dagelijks leven mee in aanraking komt.

Wanneer plakproeven bij eczeem reden zijn om je huisarts om een verwijzing te vragen

De belangrijkste vraag is niet alleen: heb ik eczeem? De echte vraag is vaak: waarom blijft het eczeem bestaan of steeds terugkomen, terwijl je al van alles goed probeert te doen? Juist dan is het belangrijk om verder te kijken dan alleen de klacht zelf. De Nederlandse richtlijnen noemen een aantal duidelijke situaties waarin je (huis)arts contactallergologisch onderzoek moet overwegen, of je kan verwijzen voor plakproeven.

Een praktisch richtlijnmoment: de grens van zes tot acht weken

Voor patiënten is dit een handige vuistregel om te onthouden: in zowel de NHG-Standaard als de richtlijn Contacteczeem wordt ongeveer dezelfde praktische grens genoemd. Als (hand)eczeem langer dan zes tot acht weken bestaat en niet goed reageert op behandeling, dan moet contactallergologisch onderzoek worden overwogen. In de NHG-Standaard staat daarnaast expliciet dat een verwijzing voor plakproeven aan de orde is als bij contacteczeem, zowel allergisch als irritatief, of bij acrovesiculeus eczeem het effect van de behandeling na zes tot acht weken uitblijft.

Maar wat betekent “onvoldoende reageren” nu eigenlijk in gewone taal? Dat betekent bijvoorbeeld dat je netjes smeert volgens afspraak, een vette zalf of basiszalf gebruikt om de huidbarrière te ondersteunen, en tijdelijk ook een corticosteroïdzalf gebruikt zoals voorgeschreven. Je probeert irriterende stoffen zoveel mogelijk te vermijden, zoals veel water, zeep, schoonmaakmiddelen of andere belastende producten. Toch blijft de huid rood, ontstoken, pijnlijk, jeukend of droog en gebarsten. Of het gaat even beter, maar zodra je afbouwt komt het eczeem meteen weer terug. De NHG-Standaard noemt ook verwijzing als het niet lukt om de corticosteroïdzalf af te bouwen of als er sprake is van frequente terugkeer van het eczeem.

Chronisch handeczeem: vaak juist wél testen, niet alleen blijven afwachten

Bij handeczeem zijn de Nederlandse dermatologierichtlijnen nog duidelijker. In de samenvatting van de NVDV-richtlijn handeczeem staat dat bij iedere patiënt met chronisch handeczeem wordt geadviseerd om epicutaan allergologisch onderzoek te doen, dus plakproeven. Meestal gebeurt dat met de Europese basisserie: een standaardreeks met veelvoorkomende contactallergenen. Daarnaast wordt die test aangevuld met patiëntspecifieke reeksen, afgestemd op iemands werk, hobby’s of andere blootstellingen. Denk bijvoorbeeld aan een kappersreeks bij kappers, of testen op (meth)acrylaten bij mensen die werken in de tandheelkunde of veel met kunstnagels in aanraking komen.

Maar wanneer spreek je eigenlijk van chronisch handeczeem? Volgens de richtlijn is daarvan sprake als het handeczeem langer dan drie maanden duurt, of als het meer dan twee keer per jaar opvlamt ondanks goede behandeling. Met andere woorden: niet alleen huidklachten die maar blijven doorsudderen, maar ook handeczeem dat steeds terugkomt terwijl je al serieus behandelt.

Val je in deze groep, dan is het heel redelijk om dit actief met je huisarts te bespreken. Je zou bijvoorbeeld kunnen vragen: “Past mijn situatie bij chronisch handeczeem, en is het volgens de richtlijn zinvol om (opnieuw) te testen op contactallergieën?” Dat is geen overdreven vraag, maar juist een logische stap als je klachten blijven bestaan of telkens terugkomen.

Acrovesiculeus eczeem, ofwel blaasjeseczeem, zonder duidelijke atopische verklaring

De richtlijnmodule over diagnostiek bij contacteczeem noemt ook nog een andere belangrijke situatie: iedere patiënt met acrovesiculeus eczeem, vaak ook blaasjeseczeem genoemd, die niet goed verklaard kan worden door een atopische aanleg, zou moeten worden verwezen naar de dermatoloog voor allergologische diagnostiek.

Dat is belangrijk, omdat blaasjeseczeem aan de handen of voeten verschillende oorzaken kan hebben. Atopische constitutie betekent dat iemand van nature aanleg heeft voor bijvoorbeeld eczeem, astma of hooikoorts. Maar als die verklaring niet goed past, is verder onderzoek extra relevant. Blaasjeseczeem kan namelijk ook samenhangen met een contactallergie, met irritatie van de huid, of met een schimmelinfectie ergens anders op het lichaam, die via een afweerreactie huidklachten op handen of voeten kan uitlokken. Zo’n reactie op afstand wordt ook wel een ide-reactie genoemd. Juist omdat het verhaal achter blaasjeseczeem niet altijd eenvoudig is, is het belangrijk om niet alleen naar de blaasjes zelf te kijken, maar vooral naar de mogelijke oorzaak erachter.

Werk en eczeem: bespreek het vroeg, niet pas als je uitvalt

Vooral bij handeczeem speelt werk vaak een grotere rol dan mensen denken. Je werk kan het eczeem uitlokken, maar het kan er ook voor zorgen dat de huid maar niet goed herstelt. In de richtlijn over de organisatie van zorg bij contacteczeem staat daarom duidelijk dat er gevraagd moet worden naar werkzaamheden, blootstellingen en andere factoren die de huid belasten. Als er een vermoeden is dat je werk meespeelt, is het verstandig om ook de bedrijfsarts te betrekken.

Ook de NHG-Standaard noemt die samenwerking expliciet. Daarin staat dat de bedrijfsarts kan meedenken en, als dat nodig is, ook kan verwijzen voor aanvullende diagnostiek. Vanuit de bedrijfsgezondheidszorg is de boodschap zelfs nog duidelijker. In de NVAB-richtlijn contacteczeem staat dat het belangrijk is om een mogelijke relatie tussen werk en eczeem op tijd te herkennen. Met andere woorden: niet pas in actie komen als iemand al is uitgevallen. De richtlijn zegt heel duidelijk dat afwachten tot het eczeem tot verzuim leidt niet acceptabel is. De bedrijfsarts moet juist actief meedenken en samenwerken met andere behandelaars.

Er zijn een paar praktische signalen die erop kunnen wijzen dat je werk meespeelt. Bijvoorbeeld als je eczeem op werkdagen duidelijk erger is en in het weekend of tijdens vakantie iets rustiger wordt, al is dat verschil bij ernstig of langdurig eczeem niet altijd goed meer te zien. Ook is het belangrijk om alert te zijn als je veel nat werk doet, vaak je handen moet wassen of desinfecteren, of veel contact hebt met schoonmaakmiddelen, kappersproducten, cement, lijmen, handschoenen of metalen. En soms zit de clue in iets ogenschijnlijk kleins: nieuwe taken, andere handschoenen of een nieuw product op het werk sinds de klachten begonnen.

Vind je het lastig om dat gesprek met je huisarts te starten, dan helpt het om het heel concreet te maken. Je kunt bijvoorbeeld zeggen:

“Mijn eczeem bestaat nu langer dan 6–8 weken en reageert onvoldoende op behandeling. Volgens de NHG-Standaard en de contacteczeemrichtlijn is het dan zinvol om plakproefonderzoek te overwegen. Kunt u mij verwijzen voor contactallergologisch onderzoek?”

Wat ‘goed plakproefonderzoek’ volgens de richtlijnen echt inhoudt

Plakproeven lijken op het eerste gezicht eenvoudig: een aantal testpleisters op de rug, een paar dagen wachten, en dan de uitslag bekijken. Maar in de praktijk is goed plakproefonderzoek veel meer dan alleen “wat pleisters plakken”. De richtlijnen benadrukken dat er veel mis kan gaan als dit onderzoek niet zorgvuldig wordt uitgevoerd. Het gaat namelijk niet alleen om óf je test, maar vooral om wát je test, hoe je test, wanneer je de huid afleest en hoe je de uitslag vervolgens vertaalt naar jouw klachten en dagelijks leven. Juist die zorgvuldigheid maakt het verschil tussen een losse testuitslag en een diagnose waar je echt verder mee kunt.

Niet alleen een standaardreeks, maar ook aanvullende en persoonlijke reeksen

De Nederlandse richtlijn voor contacteczeemdiagnostiek is daar heel duidelijk over: goed plakproefonderzoek bestaat niet alleen uit een standaardset met veelvoorkomende allergenen. In elk geval hoort er minimaal getest te worden met de Europese standaard reeks. Dat is de basisreeks met stoffen die relatief vaak contactallergie veroorzaken. Maar daar stopt het meestal niet. Waar nodig moet het onderzoek worden aangevuld met eigen producten van de patiënt, zoals cosmetica, en ook met een aanvullende routinereeks of met testreeksen die passen bij iemands beroep, hobby of andere specifieke blootstellingen.

Waarom is dat zo belangrijk? Omdat een standaardreeks veel kan oppikken, maar niet alles. Je eczeem kan namelijk worden veroorzaakt door een stof die niet in die standaardset zit, door een beroepsallergeen, of door een ingrediënt in een product dat je dagelijks gebruikt. Vergelijk het met een sleutelbos: met één standaardsleutel krijg je veel deuren open, maar soms heb je juist die ene speciale sleutel nodig om bij de echte oorzaak uit te komen.

Aflezen op meerdere dagen, ook om late reacties niet te missen

Contactallergie is een vertraagde reactie van de huid. Dat betekent dat een huidreactie niet altijd meteen zichtbaar is, maar soms pas na een paar dagen echt duidelijk wordt. Daarom is goed plakproefonderzoek meer dan alleen de pleisters aanbrengen en één keer kijken. De ESCD-richtlijn voor zorgvuldig plakproefonderzoek adviseert dat de pleisters meestal twee dagen blijven zitten en dat de huid daarna idealiter wordt beoordeeld op dag 2, op dag 3 of 4 én nog eens rond dag 7. Minimaal zijn twee aflezingen nodig.

Dat klinkt misschien technisch, maar het is in de praktijk juist heel belangrijk. Sommige allergische reacties komen namelijk langzaam op gang. Als je te vroeg of te weinig afleest, kun je zo’n reactie missen. In een grote Nederlandse analyse van het UMCG, onder 3.292 patiënten, bleek dat 13,6% van de patiënten pas op dag 7 nieuw-positief was. Met andere woorden: bij een deel van de mensen werd de allergische reactie pas laat zichtbaar. Vooral reacties op corticosteroïden werden relatief vaak pas later positief. De onderzoekers concluderen daarom dat een dag-7-aflezing duidelijke meerwaarde heeft.

Dat is ook belangrijk om te weten als je eerder al eens plakproeven hebt gehad. Want als die test toen géén late aflezing had, kan dat een deel van de verklaring zijn waarom je klachten toch blijven bestaan terwijl de uitslag destijds “negatief” was. Soms is een eerdere test dus niet per se fout geweest, maar wél onvolledig om een late reactie goed in beeld te brengen. Juist daar kan een second opinion of een hernieuwde, uitgebreidere test zinvol zijn.

Voorbereiding en factoren die de uitslag kunnen vertekenen

Ook de voorbereiding op plakproefonderzoek is belangrijk. De richtlijnmodule over diagnostiek noemt een paar bekende redenen waarom een uitslag fout-negatief kan zijn, of lastiger te interpreteren is. Een belangrijke factor is UV-blootstelling van de rug. Zon of zonnebank op het testgebied kan de afweerreactie van de huid beïnvloeden. Daarom adviseert de richtlijn om in de periode vóór het onderzoek UV op de rug te vermijden; in de module wordt daarvoor 14 dagen genoemd.

Ook corticosteroïdzalven op het testgebied kunnen de uitslag beïnvloeden. Deze middelen remmen ontsteking, en kunnen daardoor ook een allergische huidreactie onderdrukken. Hoe lang je daar precies van tevoren mee moet stoppen, is niet helemaal exact vastgesteld, maar vaak wordt ongeveer een week aangehouden. Als zo’n zalf kort voor de test nog is gebruikt, moet er rekening mee worden gehouden dat de uitslag minder betrouwbaar is en mogelijk ten onrechte negatief uitvalt.

Daarnaast benadrukt de richtlijn dat plakproeven moeten worden uitgevoerd en beoordeeld door mensen met ervaring. Dat is belangrijk, omdat fouten in de uitvoering of interpretatie grote gevolgen kunnen hebben. Een verkeerde conclusie kan bijvoorbeeld leiden tot onnodige onrust, of zelfs tot een onterecht advies om ander werk te gaan doen.

In patiëntenfolders zie je daarom vaak ook heel praktische instructies terug. Bijvoorbeeld dat je de rug droog moet houden, tijdelijk niet mag douchen of naar de sauna mag, niet moet krabben, en dat het verstandig is om producten mee te nemen die je gebruikte toen de klachten begonnen. Zo kan de test beter worden afgestemd op jouw situatie.

Wel is het belangrijk om altijd de instructies van jouw eigen testcentrum te volgen. Protocollen kunnen namelijk op details iets verschillen, bijvoorbeeld als het gaat om UV-vermijding of het tijdelijk stoppen van bepaalde medicatie.

De uitslag: ‘sensibilisatie’ is niet automatisch hetzelfde als ‘de oorzaak’

Dit is een belangrijk punt dat veel patiënten pas later horen, terwijl het eigenlijk essentieel is om een plakproef goed te begrijpen. Een positieve plakproef betekent in de eerste plaats dat je voor een bepaalde stof gesensibiliseerd bent. Dat betekent simpel gezegd: je afweersysteem herkent die stof en kan daarop reageren. Maar dat betekent nog niet automatisch dat die stof ook echt de oorzaak is van jouw eczeem. Daar zit een belangrijk verschil. Je kunt namelijk wel gevoelig zijn voor een stof, zonder dat die stof op dat moment ook daadwerkelijk jouw huidklachten onderhoudt. Pas als die positieve test ook past bij je klachten, de plek van het eczeem en de stoffen waar je in het dagelijks leven echt aan wordt blootgesteld, spreek je van een klinisch relevante allergie. Met andere woorden: dan is het niet alleen een reactie op papier, maar ook een reactie die in het echte leven meespeelt.

Alleen de TRUE Test, en waarom daarbij soms oorzaken gemist kunnen worden

Sommige ziekenhuizen of klinieken gebruiken bij plakproefonderzoek alleen een kant-en-klaar testpanel, zoals de T.R.U.E. TEST. Dat kan een prima eerste stap zijn. Het is een gestandaardiseerde test met een aantal veelvoorkomende contactallergenen, en in sommige situaties kan dat al waardevolle informatie geven. Maar de echte vraag is altijd: is dit genoeg voor jouw specifieke situatie?

En precies daar zit het verschil. Eczeem is geen standaardprobleem met altijd een standaardoorzaak. De stof die jouw huidklachten uitlokt, zit misschien helemaal niet in zo’n vast testpanel. Zeker als je klachten samenhangen met je werk, met specifieke cosmetica, met nagelproducten, handschoenen, haarverf of andere dagelijkse blootstellingen, kan een beperkte test een deel van het verhaal missen. Dan krijg je misschien te horen dat de test “negatief” is, terwijl de echte boosdoener simpelweg niet is meegetest. Dat maakt een kant-en-klaar panel soms nuttig als beginpunt, maar niet altijd voldoende als eindpunt.

Dat betekent niet dat de TRUE Test slecht is. Het betekent wel dat een negatieve TRUE Test niet automatisch hetzelfde is als: “je hebt geen contactallergie.” Het kan ook betekenen: je bent niet allergisch voor juist díe geteste stoffen, of de test was niet goed genoeg afgestemd op jouw dagelijkse blootstelling. En precies daarom kan een uitgebreider of persoonlijker onderzoek soms alsnog veel opleveren.

Als je al eerder plakproeven hebt gehad, heeft het dan zin om opnieuw te testen?

Het korte en eerlijke antwoord is: soms wel, soms niet. Er is in de richtlijnen geen vaste regel die zegt dat je bijvoorbeeld elke vijf jaar opnieuw moet worden getest. Zo simpel is het dus niet. Tegelijk noemen de richtlijnen wél situaties waarin een nieuwe beoordeling of hernieuwd plakproefonderzoek heel logisch kan zijn. Of opnieuw testen zinvol is, hangt vooral af van de vraag wat er eerder precies is getest, hoe zorgvuldig dat is gebeurd, en of jouw huidige klachten en blootstellingen nog hetzelfde zijn als toen. Hieronder vind je daarom een patiëntgerichte beslisboom met de belangrijkste redenen om daar opnieuw naar te kijken.

Redenen om plakproeven wél opnieuw te overwegen

Er zijn verschillende situaties waarin het heel logisch is om opnieuw plakproeven te doen.

  • Een belangrijke reden is dat je eerdere onderzoek beperkt was of niet helemaal volgens de richtlijn is uitgevoerd. Als je destijds bijvoorbeeld alleen een beperkt testpanel kreeg, zoals alleen de TRUE Test, en er geen aanvullende of echt patiëntspecifieke reeksen zijn getest, dan kan herhaling in een centrum dat wél maatwerk biedt zinvol zijn. De richtlijn benadrukt namelijk dat je, waar nodig, ook eigen producten en beroepsspecifieke reeksen moet meenemen in het onderzoek.
  • Ook als je klachten in de loop van de tijd zijn veranderd, kan opnieuw testen passend zijn. Denk aan een nieuwe plek van het eczeem, een ander klachtenpatroon, of een nieuwe blootstelling. Misschien heb je ander werk gekregen, een nieuwe hobby, andere handschoenen of desinfectans in gebruik, of gebruik je inmiddels nieuwe cosmetica of medicinale zalven. Contactallergie kan op elke leeftijd ontstaan, vaak juist pas op volwassen leeftijd. Je huid en je blootstellingen staan dus niet stil.
  • Een andere reden is dat je eerdere test geen goede late aflezing had. Als de huid destijds niet ook nog rond dag 7 is beoordeeld, bestaat de kans dat late reacties zijn gemist. Juist daarom adviseert de ESCD-richtlijn om ook rond dag 7 af te lezen. In Nederlandse gegevens bleek zelfs dat 13,6% van de patiënten pas op dag 7 nieuw-positief was.
  • Soms was er ook een reële kans op een fout-negatieve uitslag door de omstandigheden rond de test. Denk aan recente UV-blootstelling van de rug, veel actieve eczeemactiviteit, of gebruik van topische corticosteroïden op het testgebied vlak voor het onderzoek. De richtlijnmodule over diagnostiek bespreekt dit expliciet: in zulke situaties kan de uitslag minder betrouwbaar zijn en ten onrechte negatief uitvallen.
  • Tot slot is er nog een heel duidelijke reden: chronisch handeczeem. Als je inmiddels voldoet aan de definitie daarvan, dus handeczeem dat langer dan drie maanden duurt of meer dan twee keer per jaar opvlamt ondanks goede behandeling, dan past het volgens de handeczeemrichtlijn juist goed om (nogmaals) epicutaan onderzoek te doen, met een basisserie én patiëntspecifieke aanvullingen.

Praktische checklist voor een sterker gesprek en een betere testopbrengst

De richtlijnmodule over diagnostiek benadrukt dat een goede anamnese, het gesprek over je klachten en voorgeschiedenis, niet alleen gaat over waar het eczeem zit, maar ook over hoe lang het bestaat, hoe het zich ontwikkelt, wat het uitlokt, of er een relatie is met werk of hobby’s, en welke behandelingen al zijn geprobeerd. Hoe completer dat plaatje, hoe groter de kans op een test die echt iets oplevert.

Daarom helpt het om je afspraak goed voor te bereiden. Zie het een beetje als speurwerk: hoe meer puzzelstukjes je meeneemt, hoe groter de kans dat de arts het patroon herkent.

Neem daarom, al is het maar in je telefoon, het liefst het volgende mee:

  • een tijdlijn: wanneer begon het eczeem, en wat veranderde er toen in je leven? Denk aan werk, huis, verzorgingsproducten of medicatie;
  • foto’s van opvlammingen, vooral als het eczeem wisselt of op dat moment net rustig is;
  • een lijst van producten die je op huid of haar gebruikt, zoals crèmes, zalven, make-up, shampoo, zonnebrand, nagelproducten, pleisters of ontsmettingsmiddelen. Wij sturen u van tevoren een link om deze te uploaden;
  • informatie over werkblootstelling: welke taken doe je, met welke materialen werk je, gebruik je handschoenen of desinfectans, en doe je veel nat werk? Bij twijfel kan het helpen om op je werk naar veiligheidsbladen (SDS) of productnamen te vragen.

Bronnenlijst

American Contact Dermatitis Society. (2020). American Contact Dermatitis Society core allergen series: 2020 update. https://www.contactderm.org/UserFiles/file/American_Contact_Dermatitis_Society_Core_Allergen.2-1_v1.pdf

Johansen, J. D., Aalto-Korte, K., Agner, T., Andersen, K. E., Bircher, A., Bruze, M., Cannavó, A., Giménez-Arnau, A., Gonçalo, M., Goossens, A., John, S. M., Lidén, C., Lindberg, M., Mahler, V., Matura, M., Rustemeyer, T., Serup, J., Spiewak, R., Thyssen, J. P., Vigan, M., White, I. R., Wilkinson, M., & Uter, W. (2015). European Society of Contact Dermatitis guideline for diagnostic patch testing: Recommendations on best practice. Contact Dermatitis, 73(4), 195–221. https://pure.amsterdamumc.nl/ws/files/160753799/European-society-of-contact-dermatitis-guideline-for-diagnostic-patch-testing—recommendations-on-best-practice.pdf

Nederlands Huisartsen Genootschap. (2025, januari). NHG-Standaard Eczeem. https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/eczeem

Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde. (2020). Richtlijn contacteczeem: Preventie, behandeling en begeleiding door de bedrijfsarts. NVAB. https://nvab-online.nl/app/uploads/2024/06/RL-Contacteczeem-2020_def.pdf

Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie. (z.d.). Contacteczeem: Startpagina. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/contacteczeem/startpagina_-_contacteczeem.html

Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie. (z.d.). Contacteczeem diagnostiek. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/contacteczeem/contacteczeem_diagnostiek.html

Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie. (z.d.). Contacteczeem organisatie van zorg. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/contacteczeem/contacteczeem_organisatie_van_zorg.html

van Amerongen, C. C. A., Ofenloch, R., Dittmar, D., & Schuttelaar, M. L. A. (2019). New positive patch test reactions on day 7: The additional value of the day 7 patch test reading. Contact Dermatitis, 81(4), 280–287. https://doi.org/10.1111/cod.13322

van der Schoot, L. S., Christoffers, W. A., Oosterhaven, J. A. F., & Schuttelaar, M. L. A., namens de werkgroep handeczeem. (2020). Wetenschap – Samenvatting Richtlijn Handeczeem (2020-02). Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie. https://nvdv.nl/dermatologie/zoek-een-dermatoloog/zoek-aan-artikel/wetenschap-samenvatting-richtlijn-handeczeem-2020-02

U.S. Food and Drug Administration. (2017). Package insert: T.R.U.E. TEST (Thin-Layer Rapid Use Epicutaneous Patch Test). https://www.fda.gov/media/83084/download

SmartPractice. (2018). T.R.U.E. TEST reference manual. https://www.smartpractice.com/dermatologyallergy/pdfs/T.R.U.E.%20TEST%20Reference%20Manual.pdf

Denkt u dat u een allergie heeft?

Bij aanhoudende klachten is het belangrijk om dit te bespreken met uw huisarts of specialist. Met een verwijzing kunt u bij ons terecht voor allergieonderzoek.

We helpen u graag verder — zonder lange wachttijden.