In de spreekkamer horen we steeds vaker dat mensen bewust kiezen voor natuurlijke producten, van kruidenzalfjes tot etherische oliën. Dat is heel begrijpelijk, zeker als je al lange tijd zoekt naar verlichting van klachten in een wereld vol tegenstrijdige adviezen en mooie beloftes. Veel mensen hebben het gevoel dat ze hun huid juist ontzien. Juist daarom is de verrassing vaak groot wanneer we uitleggen dat ook natuurlijke producten soms een allergische reactie kunnen veroorzaken. Een goed voorbeeld is propolis, een bijenproduct dat in steeds meer natuurlijke huidverzorgingsproducten wordt gepromoot. In Facebookgroepen voor eczeempatiënten wordt propolis vaak geadviseerd als alternatief voor indifferente middelen of hormoonzalven. Maar helaas is propolis een bekend allergeen bij mensen met eczeem, wat juist de klachten kan verergeren, ondanks het ‘natuurlijke’ imago. Dit laat zien dat natuurlijke producten niet altijd zo onschuldig zijn als ze lijken.
Maar dat is niet alles. Parfumallergieën, veroorzaakt door geurstoffen zoals lavendel of citrus, blijken vaak veel meer te beïnvloeden dan alleen het gebruik van parfum. Zelfs als je je parfum hebt gemeden, kunnen eczeemklachten blijven aanhouden. Dit komt door kruisreacties met andere producten, zoals etherische olie of zelfs voedingsmiddelen zoals limoncello, die stoffen bevatten die dezelfde reacties kunnen uitlokken. Het idee dat natuurlijke producten altijd veilig zijn voor de huid, is dus een misverstand. In deze blog leggen we uit waarom je op moet passen met natuurlijke producten, hoe je verstopte boosdoeners kunt vinden en waarom het belangrijk is om de herkomst van ingrediënten kritisch te bekijken. Lees verder om te ontdekken hoe je kunt voorkomen dat natuurlijke producten je eczeem verergeren en wanneer het tijd is om naar je arts te gaan.
Wat is allergisch contacteczeem?
Allereerst: een contactallergie is een allergie die ontstaat nadat je huid herhaaldelijk in contact is gekomen met een bepaalde stof, waarop je immuunsysteem na een tijdje overdreven gaat reageren. Je krijgt dan bijvoorbeeld 1–3 dagen na het contact een rode, jeukende uitslag op die plek. Dit heet ook wel allergisch contacteczeem. Het is een andere soort allergie dan hooikoorts of voedselallergie. Bij een contactallergie doet vooral de huid mee (vertraagde type-IV immuunreactie), terwijl voedselallergieën vaak onmiddellijke reacties geven (type-I, met bijv. zwellingen of benauwdheid). Contactallergie is ook iets anders dan irritatie. Een irriterende stof (zoals azijn of pure etherische olie) kan iedereen bij voldoende blootstelling een branderige huid geven, dat is irritant contacteczeem, géén allergie. Allergisch contacteczeem ontstaat alleen bij mensen die specifiek gevoelig (“gesensibiliseerd”) zijn voor die ene stof. Lees meer over dit verschil op: Contacteczeem: Irritatie of allergie?
“Natuurlijk = hypoallergeen”? Niet altijd!
Veel mensen denken dat natuurlijke of biologische producten automatisch veilig(er) zijn voor de huid. We horen dit vaak in de spreekkamer: “Ik gebruik alleen maar natuurlijke, biologische producten.” Helaas is dat een misverstand. Planten en hun extracten bevatten namelijk allerlei chemische stoffen, ook al komen ze van natuurlijke oorsprong. Juist die pure “botanische” ingrediënten kunnen sterk werkzame stoffen bevatten die bij sommige mensen de allergische afweer prikkelen. Dit geldt ook voor natuurlijke geurstoffen. Veel geurstoffen die in parfum worden gebruikt, komen van oorsprong uit planten, zoals lavendel, rozen of eucalyptus. Deze stoffen kunnen in grote hoeveelheden of bij herhaald contact allergieën veroorzaken. Myroxylon pereirae (Peru-balsem), bijvoorbeeld, is een boomhars die vaak in parfums en andere geurproducten zit, maar ook in een aantal natuurlijke producten zoals aromatherapie-oliën. Propolis, een kleverige, harsachtige substantie die honingbijen maken van plantaardige harsen, is een ander bekend allergeen dat in natuurlijke balsems en zalfjes voorkomt. In patchtest-onderzoeken, waarbij eczeempatiënten worden getest op contactallergieën, komen deze natuurlijke geurstoffen vaak naar voren als boosdoener. Zo bleek in een Europees onderzoek dat 8,1% van de eczeempatiënten positief reageerde op een standaard parfummix, en 7,5% op Peru-balsem (Myroxylon pereirae), een natuurlijk boomhars. Ter vergelijking: de bekendere nikkelallergie komt bij ongeveer 14% van de eczeempatiënten voor. Zelfs onder de algemene bevolking is parfumallergie niet zeldzaam: geschat wordt dat 4 à 5% van alle Europeanen een contactallergie voor ten minste één geurstof heeft (ongeveer 1 op de 20 mensen), en dit kan dus ook een natuurlijke geurstof zijn.
Het idee “natuurlijk = geen allergie” klopt dus niet. Natuurlijke producten kunnen net zo goed allergische reacties veroorzaken als synthetische producten. Daarom is het belangrijk om goed op de ingrediëntenlijst te letten, zelfs als een product zegt “natuurlijk” of “biologisch” te zijn. De stoffen die uit planten en bloemen worden gehaald, kunnen namelijk krachtige allergenen bevatten die bij sommige mensen eczeem of irritatie uitlokken.
Waarom worden we dan toch gerustgesteld door termen als “natuurlijk” of “dermatologisch getest” op verpakkingen? Die termen zeggen helaas niets over allergiekans. Een kruidenzalf of etherische olie kan prima “dermatologisch getest” zijn en toch een allergie uitlokken bij gevoelige personen. Daarbij is “hypoallergeen” geen beschermd label: fabrikanten mogen het vrij gebruiken. Kortom, wees kritisch: ook een pure biologische olie of plantenzalf kan tot allergisch eczeem leiden.
Veelvoorkomende natuurlijke contactallergenen
Er zijn honderden mogelijke boosdoeners, maar laten we enkele vaak voorkomende natuurlijke allergenen uitlichten:
-
Geuroliën (etherische oliën): Deze worden gewonnen uit planten en bevatten een cocktail aan geurstoffen (terpenen, aromatische oliën). Bekende voorbeelden: lavendelolie, tea tree-olie, pepermuntolie, ylang-ylang, citrusolie. Ze worden gebruikt in aromatherapie, cosmetica en “DIY”-middeltjes. Ondanks hun populariteit als “heilzaam” zijn ze berucht in de dermatologie: ze kunnen zowel irriterend werken als echte allergieën veroorzaken. Zo is tea tree-olie (theeboomolie) een natuurlijk antisepticum, maar bij contact met lucht oxideert het en ontstaan sterke allergenen. Ook lavendel, vaak geprezen om zijn kalmerende werking, kan een allergisch contacteczeem uitlokken, inmiddels zo vaak dat lavendelolie is toegevoegd aan de patchtest standaardreeks van allergologen. In een grote Europese studie (IVDK, 2010–2019) werd gericht getest op 12 etherische oliën bij duizenden eczeempatiënten; ongeveer 8,3% reageerde positief op ten minste één olie. Vooral ylang-ylang-olie (bij ~4% van de geteste patiënten positief), citroengrasolie, jasmijn-extract, sandelhoutolie en kruidnagelolie gaven relatief vaak reacties. Wees dus alert bij chronisch eczeem op het gebruik van deze oliën in bijvoorbeeld een diffuser thuis.
-
Planten uit de composietenfamilie (Asteraceae): Dit is een grote plantenfamilie (met o.a. margrieten, ambrosia, zonnebloemen, kamille, arnica). Veel traditionele kruidenmiddeltjes komen hieruit. Ze bevatten vaak sesquiterpeenlactonen, een groep plantenstoffen die beruchte contactallergenen zijn. Arnica (valkruid) is hiervan een klassiek voorbeeld: populair in sportgels en homeopathie, maar het sap kan flink sensibiliseren. Goudsbloem (calendula, vaak in “smeerseltjes voor van alles”) wordt ook geregeld gemeld. Composietenallergie ziet men geregeld bij mensen die “alles geprobeerd hebben” qua natuurlijke zalfjes en daardoor na verloop van tijd allergisch worden voor één van de kruiden erin. Het probleem: heb je eenmaal allergie voor één composiet-plant, dan reageer je soms ook op andere familieleden (door gelijkaardige stoffen). Iemand met arnica-allergie kan bijvoorbeeld ook uitslag krijgen van kamille. Dat noemen we kruisgevoeligheid binnen de plantenfamilie (hoewel kamille zelf weinig sensibel is, kan een reeds gesensibiliseerde persoon er toch op reageren).
-
Propolis (bijenpropolis): Propolis is een kleverige substantie die bijen maken van harsen uit bomen en planten. Het zit in “natuurlijke” lippenbalsems, crèmes, hoestdrankjes en zelfs in sommige tandpasta’s vanwege antibacteriële eigenschappen. Maar let op: propolis is een zeer bekend contactallergeen. Uit studies blijkt dat ongeveer 1,2% tot 6,6% van de geteste eczeempatiënten allergisch is voor propolis. De belangrijkste allergenen in propolis zijn bepaalde cafeëstervarianten (zoals 3-Methyl-2-butenylcaffeaat), die chemisch lijken op stoffen in o.a. populierenknoppen. Propolisallergie komt vaak aan het licht bij mensen die cosmetica met propolis hebben gebruikt, bijvoorbeeld iemand die telkens schrale, gebarsten lippen houdt door een “natuurlijke” lippenbalsem met propolis. Dat is dus niet altijd een droge huid, maar soms ook een allergisch eczeem door het bijenproduct. Moraal: zelfs honingzalf of bijenproducten kunnen allergie veroorzaken, ondanks het “ouderwetse huismiddel” imago.
-
Andere planten en kruidenextracten: De lijst is eindeloos, maar om er nog een paar te noemen: Knoflook en ui bevatten zwavelverbindingen die een contactallergie (en vaak ook irritatie) kunnen geven, vooral bij koks of mensen die ermee op de huid werken (denk aan sommige alternatieve behandelingen waarbij knoflook op wratten of moedervlekken wordt gesmeerd; dit kan flink eczeem veroorzaken in plaats van helpen). Kaneelolie en kaneelaldehyde (uit kaneel) zijn krachtige geur- en smaakstoffen die veel mensen lekker vinden, maar ze behoren tot de bekendste allergeen-substanties in parfum én voedsel. Citrusschillen (citroen, sinaasappel) bevatten limoneen en andere etherische oliën. Als je daar allergisch voor bent, kun je uitslag krijgen op plekken waar sap of schil op je huid kwam (bijv. handen, of rond de mond bij citroen in een drankje). Let wel: citrussap kan óók een irritant fototoxisch effect hebben (een bekende veroorzaker van berloque dermatitis is limoen in de zon), maar dat is weer een ander mechanisme. Ten slotte is er Aloe vera: bekend als huidheler, en de meeste mensen verdragen het prima, maar er zijn incidenteel meldingen van allergie op pure aloë-gel. Dit is zeldzaam; vaak is dan een conserveermiddel of parfum in de aloë-gel de echte boosdoener.
Parfumallergie en “natuurlijke” geurstoffen
Parfumallergie is een contactallergie voor één of meerdere geurstoffen in cosmetica of andere producten. Veel van deze geurstoffen komen van nature uit planten, zoals eugenol uit kruidnagel, cinnamaldehyde uit kaneel, citrusoliën uit citroen, menthol uit munt, geraniol uit rozenolie en vanilline uit vanille. Parfummengsels kunnen tientallen tot honderden verschillende geurstoffen bevatten, zowel synthetisch als natuurlijk. Dermatologen testen vaak op de zogenaamde Fragrance Mix: een combinatie van acht veelvoorkomende geurstoffen die in veel parfum- en verzorgingsproducten zitten. Maar een andere belangrijke stof waarmee parfumallergie vaak geassocieerd wordt, is Peru-balsem (Myroxylon pereirae). Dit is een natuurlijk hars uit een boom, rijk aan geur- en smaakstoffen zoals cinnamaten, vanilline en eugenol, die ook in parfums en medicijnen worden gebruikt. Als je positief test op Peru-balsem, wijst dat vaak op een allergie voor één of meer van de stoffen die erin zitten, en bovendien kan het wijzen op een gevoeligheid voor vergelijkbare geurstoffen in andere producten. Daarom wordt Peru-balsem, net als de parfum-mix, gezien als een marker voor parfumallergie. Dit betekent dat als je allergisch bent voor Peru-balsem, je waarschijnlijk ook reageert op andere producten die dezelfde geurstoffen bevatten, zoals bepaalde kruidenextracten of geurige oliën.
Kruisreacties: parfumallergie en voeding
Hier komt het fenomeen kruisreactie om de hoek kijken. De geurstoffen waar je huidallergisch op reageert, kunnen chemisch familie zijn van bepaalde smaakstoffen in voedsel. Een bekend voorbeeld: de Peru-balsem allergie. De stofjes in deze boom-hars (cinnamaten, vanilline, eugenol e.a.) komen voor in vanille, kaneel, kruidnagel, citrusvruchten… niet voor niets ruiken of smaken die ook zoet-kruidig. Als iemand zeer gevoelig is, kan het eten van bijvoorbeeld appeltaart of een sinaasappel het al bestaande eczeem verergeren, we noemen dat systemisch contacteczeem. Let op: dit is géén directe voedselallergie (je krijgt geen acute anafylaxie), maar een verergering van je huidklachten door inwendige blootstelling aan een contactallergeen. Veel mensen met parfumallergie hoeven gelukkig niet zo ver te gaan en kunnen prima deze dingen eten, maar bij hardnekkig allergisch eczeem kijkt de dermatoloog hier wel naar. Twijfel je? Bespreek het met je arts; ga niet op eigen houtje zware diëten volgen.
Hoe wordt een contactallergie vastgesteld?
Heb je steeds onverklaarbare huiduitslag, dan is het zinvol om na te gaan of contactallergie een rol speelt. Artsen denken hieraan bij eczeem dat maar niet over wil of steeds terugkomt, zeker als de verdeling op de huid past bij waar je iets aanraakt (bijv. handen, gezicht, of net die plekken waar je parfum spuit). Een belangrijk hulpmiddel zijn patchtesten (ook wel plakproef genoemd): dit is de gouden standaard om contactallergieën te diagnosticeren. Hierbij plakt de dermatoloog verschillende mogelijke allergenen op de rug in kleine hoeveelheden. Na ~48 uur worden de pleisters verwijderd, en daarna volgt nog een aflezing na ~72-96 uur. Zo wordt gekeken of er een eczeemreactie op een van die stoffen ontstaat.
Standaardreeksen en uitbreidende testen
Dermatologen hebben een standaardreeks van de meest voorkomende contactallergenen, waaronder parfumstoffen, conserveermiddelen, metalen, rubberchemicaliën, etc. Daarnaast kan op indicatie getest worden met uitgebreidere reeksen of specifieke producten. In onze kliniek hanteren we naast de Europese standaardreeks bijvoorbeeld een eigen kruidenreeks die veel gebruikte plantenextracten omvat. Ook hebben we een uitgebreide parfumreeks, waarin zowel synthetische geurstoffen als natuurlijke essentiële oliën en balsems zijn opgenomen. Zo kunnen we gericht uitzoeken of iemand bijvoorbeeld specifiek allergisch is voor eugenol (kruidnagelolie) of limoneen (citrusschil). Soms laten we patiënten ook hun eigen producten meebrengen om te testen, bijvoorbeeld die zelfgemaakte calendulazalf of dat potje etherische olie, om zekerheid te krijgen.
Het is belangrijk om te beseffen dat niet elk eczeem meteen een contactallergie is, er zijn ook andere oorzaken (zoals atopisch eczeem). Maar bij aanhoudende klachten is patchtesten zeker waardevol. Uit internationaal onderzoek blijkt dat een aanzienlijk deel van de chronische eczeempatiënten één of meerdere contactallergieën heeft die hun klachten (mede) in stand houden. Op tijd doorverwijzen kan dus veel uitmaken: als je weet waarvoor je allergisch bent, kun je die stof vermijden en vaak verbetering zien.
Behandeling en praktische tips
De behandeling van allergisch contacteczeem draait grotendeels om het vermijden van de boosdoener. Dit klinkt simpel maar kan best lastig zijn, zeker bij stoffen die in veel producten voorkomen, zoals parfum. Toch is vermijden essentieel: blijft de huid telkens geprikkeld worden, dan blijft het eczeem actief. Een paar tips:
-
Lees etiketten: Leer onder welke namen jouw allergeen voorkomt. Natuurlijke ingrediënten hebben soms ingewikkelde namen (bijv. Melaleuca alternifolia voor tea tree, Commiphora myrrha voor myrrhehars). Parfumallergenen moeten in cosmetica boven een bepaalde concentratie op het etiket vermeld staan. Bijvoorbeeld, bij limoneen- of lavendelallergie let je op woorden als Limonene, Linalool, Lavandula angustifolia. Je dermatoloog of allergoloog kan je hierbij helpen.
-
Gebruik parfumvrije en allergenenvrije verzorging: Er zijn lijnen cosmetica die speciaal zonder veelvoorkomende allergenen gemaakt zijn (zonder parfum, kruidenextracten, etc.). Onthoud: “parfumvrij” is niet hetzelfde als “geurloos”, ook een product met “natuurlijke geur” kan parfumallergenen bevatten!
-
Test nieuwe producten op een klein stukje huid: Smeer een nieuw product een paar dagen achtereen op de binnenkant van je elleboog en kijk of er roodheid ontstaat. Dit is geen waterdichte garantie, maar kan wijzen op een gevoeligheid. Let op: echt betrouwbare resultaten krijg je alleen via een officiële patchtest afgelezen door de arts, je kunt zelf een allergie makkelijk over het hoofd zien of verwarren met irritatie. Meer over het uitvoeren van deze test lees je hier: Repeated Open Application Test (ROAT).
-
Huid beschermen: Gebruik handschoenen als je werkt met sterk geurende planten of kruiden (bijvoorbeeld in de tuin of keuken) waar je allergisch voor bent. Een kok met knoflookallergie kan bijvoorbeeld vinyl of nitril handschoenen dragen bij het snijden van knoflook om handeczeem te voorkomen. Bij contact met sap van citrus, kruidenoliën etc. is meteen goed handen wassen ook slim, zodat het spul niet lang op je huid blijft.
-
Eczeem behandelen: Heb je een opflakkering van allergisch eczeem, dan zal de arts meestal een corticosteroïd-crème voorschrijven om de ontstekingsreactie te dempen. Dit onderdrukt de symptomen en geeft de huid kans te herstellen. Het neemt de oorzaak (de allergie) echter niet weg. Verder helpt het om de aangedane huid goed vet te houden met neutrale zalf, zodat de barrièrefunctie herstelt.
- Zoek de verborgen boosdoeners: Naast crèmes of lotions, kunnen ook andere producten zoals geurdiffusers, roomsprays, wasmiddelen, en zelfs geurende kaarsen of aromatherapie-oliën allergische reacties veroorzaken. Denk dus ook aan producten die je dagelijks in je huis gebruikt, zoals:
- Geurdiffusers en roomsprays die geurstoffen (zoals citrus- of lavendelolie) in de lucht verspreiden.
- Wasmiddel en wasverzachter, die vaak geurstoffen bevatten die je huid kunnen irriteren, vooral als ze in direct contact komen met je huid, bijvoorbeeld via beddengoed of kleding.
- Geurkaarsen en luchtverfrissers in je huis, die ook etherische oliën of synthetische geurstoffen kunnen bevatten.
- Natuurlijke schoonmaakproducten zoals allesreinigers en afwasmiddel, die vaak kruiden- of citrusgeuren bevatten.
- Badzout en baden- of doucheproducten, zoals geurige zeep of oliën, die vaak “natuurlijke” geuren bevatten, maar ook allergenen kunnen uitlokken.
Bronnen
Geier, J., Schubert, S., Reich, K., Skudlik, C., Ballmer‐Weber, B., Brehler, R., Weisshaar, E., & Uter, W. (2022). Contact sensitization to essential oils: IVDK data of the years 2010–2019. Contact Dermatitis, 87(1), 71–80. https://doi.org/10.1111/cod.14126
Paulsen, E. (2002). Contact sensitization from Compositae‐containing herbal remedies and cosmetics. Contact Dermatitis, 47(4), 189–198. https://doi.org/10.1034/j.1600-0536.2002.470401.x
Scheman, A., Rakowski, E. M., Chou, V., Chhatriwala, A., Ross, J., & Jacob, S. E. (2013). Balsam of Peru: past and future. Dermatitis, 24(4), 153–160. https://doi.org/10.1097/DER.0b013e31828afab2
Sindle, A., & Martin, K. (2020). Art of Prevention: Essential Oils – Natural Products Not Necessarily Safe. International Journal of Women’s Dermatology, 7(3), 304–308. https://doi.org/10.1016/j.ijwd.2020.10.013
Sukakul, T., Bruze, M., & Svedman, C. (2024). Fragrance contact allergy: A review focusing on patch testing. Acta Dermato-Venereologica, 104, adv40332. https://doi.org/10.2340/actadv.v104.40332
Walgrave, S. E., Warshaw, E. M., & Glesne, L. A. (2005). Allergic contact dermatitis from propolis. Dermatitis, 16(4), 209–215. https://doi.org/10.2310/6620.2005.05019
Johansen, J. D., Mahler, V., Lepoittevin, J.-P., & Frosch, P. J. (Eds.). (2021). Contact dermatitis (6th ed.).
de Groot, A. C. (2018). Patch testing: Test concentrations and vehicles for 4900 chemicals (4th ed.).