Alcoholhoudende dranken: bier, wijn en sterke drank

Kun je een allergie hebben voor alcoholhoudende dranken? Allergisch zijn voor de alcohol zelf (ethanol) is bijzonder zeldzaam. In de medische literatuur zijn nauwelijks gevallen beschreven van echte IgE-gemedieerde allergie tegen ethanol, het hoofdbestanddeel van drank. Bij een allergie zou het immuunsysteem specifieke antistoffen (IgE genoemd) tegen alcohol maken, maar alcohol is een heel klein molecuul en meestal niet zichtbaar voor het immuunsysteem. Er zijn wel eens patiënten geweest met een positieve huidtest op pure alcohol of op het afbraakproduct acetaldehyde, maar in bloedtesten konden geen IgE-antistoffen worden aangetoond. Dit betekent dat zulke reacties waarschijnlijk geen “echte” allergie waren, maar eerder irritatiereacties of uitzonderlijke gevallen. Wat vaker voorkomt, is dat je allergisch bent voor andere stoffen die in bier, wijn of likeur zitten, of dat je last hebt van een intolerantie of pseudo-allergie. Hieronder leggen we het verschil uit.

Alcoholhoudende dranken: allergie of intolerantie?

De woorden allergie en intolerantie worden vaak door elkaar gebruikt, maar het zijn verschillende dingen. Bij een allergie reageert je afweersysteem op een stof (allergeen) die eigenlijk onschadelijk is. Je lichaam maakt antistoffen aan en bij contact met die stof krijg je een allergische reactie: bijvoorbeeld jeukende uitslag, niesbuien, benauwdheid of in het ergste geval een anafylactische shock. Bij een allergie is er dus een immunologisch mechanisme aantoonbaar.

Bij een intolerantie is er géén allergisch afweersysteem in het spel. De klachten komen doordat je lichaam de stof niet goed kan verwerken of er overdreven gevoelig op reageert, zonder IgE. Een klassiek voorbeeld is de “Asian flush”: sommige mensen (vooral van Aziatische afkomst) missen een bepaald enzym om alcohol volledig af te breken, waardoor acetaldehyde opstapelt in het lichaam. Dit leidt tot een felrode flush (blozen), hartkloppingen en een onaangenaam gevoel na een paar slokken alcohol, maar is geen allergie. Ook een histamine-intolerantie valt hieronder: rode wijn bevat histamine (een stof die bloedvaten verwijdt en reacties kan geven) en sommige mensen hebben van nature minder DAO-enzym om histamine af te breken. Het resultaat kan zijn: rood worden, hoofdpijn, een loopneus of maagklachten na rode wijn, zonder dat er IgE-antistoffen bij komen kijken. Dit noemen we ook wel een pseudo-allergische reactie.

Waarom is dit onderscheid belangrijk? Omdat een allergoloog bij intolerantie weinig kan doen. Er is geen allergietest die “positief” wordt, want er is geen allergie. Ook is er geen desensibilisatietraject of pilletje dat intolerantie wegneemt. Het advies bij intolerantie is meestal: vermijd of matig de uitlokkende stof. Bij histamine-overgevoeligheid kun je bijvoorbeeld proberen om bepaalde wijnen of bieren met minder histamine te kiezen. Maar in wezen is intolerantie een kwestie van er rekening mee houden, niet een ziekte die behandeld kan worden. Een allergie daarentegen kan vaak specifiek worden getest en je kunt leren welke stof je moet mijden; bovendien kom je mogelijk in aanmerking voor medicatie (bijvoorbeeld een EpiPen® bij ernstige allergie).

Kort samengevat: krijg je telkens een rood hoofd van alcohol, dan is dat waarschijnlijk een intolerantie en geen allergie: bespreekbaar, maar niet op te lossen via een allergoloog. Krijg je echter galbulten, zwellingen of andere duidelijke allergische verschijnselen, dan is verder onderzoek wél zinvol. Hieronder bespreken we de mogelijke boosdoeners in alcoholische dranken die wel echte allergieën kunnen veroorzaken.

Welke stoffen in alcoholhoudende dranken kunnen een allergie geven?

Alcoholhoudende dranken zijn een mengsel van vele ingrediënten. Als je klachten krijgt van een drankje, kan het zijn dat je allergisch bent voor één van de bestanddelen daarin. We lopen de bekendste dranken langs:

  • Bier: Bier wordt gebrouwen uit graan (meestal gerst, soms tarwe of een mix) dat wordt gekiemd tot mout, plus hop (een kruid dat voor bitters zorgt) en gist voor fermentatie. De meest voorkomende allergenen in bier zijn dan ook graan-eiwitten. Mensen met een graanallergie, bijvoorbeeld voor gerst of tarwe, kunnen allergisch reageren op bierconsumptie. Klinisch immunologisch onderzoek bevestigt dat een bierallergie vaak gepaard gaat met IgE-antistoffen tegen specifieke gerst- of tarwe-eiwitten. In een Chinese studie onder 20 patiënten met vermeende bierallergie bleek 75% daarvan positief te testen op een of meer bier-ingrediënten, met name granen zoals sorghum (waarmee daar lokaal bier werd gebrouwen) en gerstemout. Hop-allergie komt veel minder vaak voor, maar is mogelijk. Een ander potentieel allergeen in bier is een lipide transfer proteïne (LTP) uit gerst of hop. LTP’s zijn stabiele planteneiwitten die bij sommige mensen heftige allergie kunnen geven; ze komen voor in schillen van fruit en graan. Er zijn gevallen beschreven van bierallergie door LTP. Tot slot: gist (Saccharomyces) in bier zou ook een allergie kunnen uitlokken, maar dat is uiterst zeldzaam. Een keer is een patiënt beschreven die allergisch bleek voor diverse alcoholhoudende dranken vanwege een gist-allergie, inclusief reacties op bier, wijn en zelfs blauwschimmelkaas. Gistallergie is extreem zeldzaam en wordt mogelijk over het hoofd gezien, maar kán dus een oorzaak zijn van klachten na bier of wijn.

  • Wijn: Wijn is gemaakt van druiven en bevat dus van nature druiven-eiwitten. Een echte druivenallergie komt niet vaak voor, maar bestaat wel. Daarbij is de reactie meestal gericht tegen een stabiel druiveneiwit (Vit v 1), dat behoort tot de LTP’s (lipid transfer proteïnen). Dit type eiwit kan bij gevoelige mensen een IgE-gemedieerde reactie geven, met klachten die uiteenlopen van jeuk in de mond tot (zelden) anafylaxie. Behalve de druif zelf kunnen ook bewerkingen van wijn een rol spelen. Om wijn helder te maken worden soms dierlijke eiwitten gebruikt als klaringsmiddel, zoals ovalbumine (ei), caseïne (melk) of visgelatine. Die worden er grotendeels weer uitgefilterd, maar in sommige gevallen kunnen er sporen achterblijven. Bij mensen met een duidelijke ei-, melk- of visallergie kan dat – ondanks etikettering – soms toch klachten uitlokken. Daarnaast kan wijn in minieme hoeveelheden “verborgen” componenten bevatten uit de omgeving, zoals schimmelsporen (bijvoorbeeld van Botrytis cinerea) of insectenresten die per ongeluk in het persproces terechtkomen. Dat is meestal verwaarloosbaar, maar er zijn zeldzame casussen beschreven waarbij dit wél tot duidelijke allergische reacties leidde (zoals mondklachten, benauwdheid of zelfs anafylaxie). Tot slot is er sulfiet. Dit wordt in wijn vaak gebruikt als conserveermiddel om oxidatie en bederf te remmen, en moet boven een bepaalde drempel op het etiket vermeld worden. Sulfiet is geen eiwit en veroorzaakt daarom doorgaans geen klassieke IgE-voedselallergie, maar het kan wel allergie-achtige reacties geven. Vooral mensen met (slecht gecontroleerde) astma kunnen gevoelig zijn en na wijn – vaker genoemd bij witte wijn – benauwdheidsklachten krijgen door bronchospasme. In zeldzame gevallen zijn zeer heftige reacties beschreven. Belangrijk voor jouw insteek: naast deze “pseudo-allergische” reacties kan sulfiet óók meedoen via type 4 (contact)allergie. Natriummetabisulfiet is een bekend contactallergeen (positieve plakproeven komen voor), en bij gesensibiliseerde personen kan blootstelling via de mond leiden tot allergische contactcheilitis (brandende, rode, schilferende lippen/periorale eczeemklachten na drinken) en soms zelfs tot systemische contactdermatitis: een eczeemflare op afstand na inname van het allergeen. Dat is niet de meest voorkomende verklaring, maar wél iets om aan te denken bij terugkerende lipklachten of eczeem-opvlammingen die steeds na (sulfiethoudende) wijn optreden.

  • Sterke drank en likeuren: Gedistilleerde dranken (zoals whisky, gin, rum, cognac) ondergaan een destillatieproces. Hierdoor zitten er veel minder eiwitten in dan in bier of wijn. De meeste allergenen (zoals graaneiwitten) blijven achter in de restvloeistof bij distillatie. Theoretisch zouden gedistilleerde dranken dus veiliger moeten zijn voor mensen met voedingsallergieën, en vaak is dat ook zo. Toch zijn er uitzonderingen. Sommige mensen met een zware tarwe-allergie melden bijvoorbeeld ook reacties op whisky (wat uit graan gestookt wordt), mogelijk door minimale residuen van allergenen of andere componenten. Daarnaast bevatten likeuren en mixdranken vaak toegevoegde kruiden, noten of fruitextracten die allergenen kunnen zijn. Enkele voorbeelden: amandel-likeur (amaretto) bevat amandelextract, iemand met notenallergie zou daarop kunnen reageren. Limoncello (citroenlikeur) bevat geconcentreerde citroenschilolie (rijk aan limoneen); iemand met een contactallergie voor limoneen (bijvoorbeeld bekend van parfumallergietesten) kan bij het drinken van limoncello een huidreactie rond de mond krijgen of zelfs een eczeemflare door het hele lichaam (hierover later meer). Kruidenbitters of likeuren (denk aan kruidenthee-likeuren, jenever met kruiden) kunnen ingrediënten als koriander, karwij, anijs etc. bevatten en deze kunnen op hun beurt allergenen of irritantia zijn. Over het algemeen geldt dat allergie voor sterke drank meestal terug te voeren is op een specifiek ingrediënt (plant, vrucht, noot) dat erin zit, meer dan op de alcohol zelf.

LTP-allergie

LTP’s (Lipid Transfer Proteïnen) zijn kleine eiwitten die van nature voorkomen in planten. Ze spelen in de plant een rol bij het transport van vetachtige stoffen, maar voor mensen zijn ze vooral bekend als sterke allergenen. LTP-eiwitten komen wijdverspreid voor in heel veel plantaardige voedingsmiddelen. Ze zitten in fruit, vooral in de schil en pitjes/zaden. Bekende voorbeelden zijn vruchten uit de rozenfamilie zoals perzik, appel, peer, pruim, kers en abrikoos. Ook citrusvruchten, druif, meloen en watermeloen bevatten LTP’s. Daarnaast komen LTP’s voor in groenten (bijv. tomaat, vooral in de zaadlijsten), in noten en zaden (zoals pinda, hazelnoot, walnoot, amandel) en in granen zoals gerst, tarwe en maïs. Doordat LTP’s in zo veel verschillende planten zitten, kan iemand met een LTP-allergie op allerlei etenswaren reageren. Wanneer iemand allergisch is voor LTP, betekent dit dat zijn immuunsysteem dit eiwit herkent als indringer. Al bij kleine hoeveelheden kan het lichaam sterk reageren en stoffen zoals histamine vrijmaken. Opvallend is dat de ernst van de reactie bij een LTP-allergie sterk kan variëren per situatie. Vaak spelen cofactoren een rol: dit zijn externe factoren die een allergische reactie verergeren of pas doen optreden. Zo kan iemand een bepaald fruit soms wel verdragen onder normale omstandigheden, maar krijgt hij een ernstige reactie zodra er bijvoorbeeld fysieke inspanning of alcoholgebruik bijkomt. Ook andere factoren zoals het eten op een lege maag, het gebruik van bepaalde medicijnen (bijv. pijnstillers zoals NSAID’s), extreme warmte of hormonale schommelingen kunnen drempelverlagend werken. In aanwezigheid van zulke cofactoren wordt de kans op een ernstige LTP-reactie groter. Zonder die factoren verloopt de reactie vaak milder of blijft zelfs uit. Dit maakt LTP-allergie grillig: iemand kan een tijd lang weinig klachten hebben, totdat een specifieke omstandigheid een hevige reactie uitlokt. Een andere reden dat LTP-allergieën zo berucht zijn, is dat LTP-eiwitten uitzonderlijk stabiel zijn. Ze breken niet makkelijk af bij verhitting of tijdens de spijsvertering. Waar andere allergenen soms onschadelijk worden door koken of door maagzuur, blijven LTP’s intact. Dit betekent dat ook gekookt of gebakken voedsel met LTP allergische klachten kan geven. Bovendien overleven LTP’s de reis door maag en darmen, waardoor ze een systemische reactie (door het hele lichaam) kunnen veroorzaken en niet alleen lokale klachten in de mond. Een opvallend voorbeeld van een LTP-allergie is een bierallergie veroorzaakt door LTP’s. Bier wordt meestal gebrouwen uit gerst (en soms andere graansoorten zoals tarwe of maïs). Gerst bevat van nature een specifiek LTP-eiwit dat als allergeen kan werken. Dit gerst-LTP is hittebestendig en fermentatiebestendig: met andere woorden, het doorstaat moeiteloos het brouwproces. Tijdens het bierbrouwen wordt het graan gekookt en later vergist, maar het LTP-eiwit blijft intact en actief. Hierdoor belandt het uiteindelijk in het eindproduct, het bier in je glas. Voor mensen met een LTP-allergie betekent dit dat bier drinken een allergische reactie kan uitlokken. In de medische literatuur zijn diverse gevallen beschreven van mensen die na het drinken van bier klachten kregen, variërend van huidreacties tot anafylaxie, waarbij achteraf bleek dat een LTP het uitlokkende allergeen was. Omdat LTP in bier zo stabiel is, heeft het weinig zin om te denken dat bijvoorbeeld “gekookt bier” (zoals gepasteuriseerd bier) veiliger zou zijn, het LTP allergeen blijft aanwezig. Hoewel bier een interessant voorbeeld is, staat LTP-allergie zeker niet op zichzelf voor bier alleen. Mensen met LTP-allergie kunnen ook reageren op andere dranken of voedingsmiddelen. Een bekend voorbeeld is wijnallergie door druiven-LTP: druiven en wijn bevatten LTP-eiwitten die bij gevoelige personen een reactie kunnen geven (soms wordt een wijnallergie onterecht aan sulfiet of histamine geweten, maar in bepaalde gevallen is het een LTP-allergie). Evenzo kan cider of vruchtensap van appels leiden tot klachten door het appel-LTP. Eigenlijk geldt: elke drank of voedingsmiddel afkomstig van planten kan potentieel een LTP bevatten en dus een probleem vormen.

Hoe herken je een allergische reactie op alcoholhoudende dranken?

De symptomen van een allergische reactie door een drankje kunnen erg variëren. Hier zijn de meest voorkomende reacties:

  • Huid: Jeukende uitslag met bultjes (galbulten of urticaria) is een klassiek allergisch teken. Dit kan beperkt blijven tot wat rode vlekken in het gezicht of hals, maar kan ook algemeen over het lichaam optreden. Soms zwellen lippen, oogleden of het gezicht op (angio-oedeem). Bij contact van de drank met de huid (of lippen) kan je lokaal roodheid en zwelling zien. Mensen met een contactallergie kunnen ook een eczeemachtige uitslag krijgen. Bijvoorbeeld iemand die allergisch is voor een geurstof als limoneen of een conserveermiddel als sulfiet: direct na het drinken kan de huid rond de mond rood en droog worden (contacteczeem op de lippen), en uren tot dagen later kan er een uitgebreider eczeem optreden. Dit laatste heet systemische contactdermatitis: je hebt via de huid een allergie opgebouwd (bijv. voor parfum), en als je die stof inslikt krijg je een ‘uitgebreide’ eczeemreactie in het hele lichaam. Hoewel zeldzaam, is dit beschreven bij alcoholhoudende dranken, met name door ingrediënten als Balsam of Peru (een veelvoorkomend geur- en smaakstofallergen) in likeuren of cocktails. In twee gevalsbeschrijvingen kregen patiënten telkens een jeukend, rood eczeem over het lichaam na bepaalde drankjes; de boosdoener bleek een Balsam of Peru-achtige smaakstof in de drank te zijn, en na het vermijden van die drank waren de klachten weg.

  • Luchtwegen: Alcoholhoudende dranken, met name wijn en bier, kunnen niezen, loopneus of neusverstopping veroorzaken. Dit kan door een allergie (bijvoorbeeld iemand met hopallergie drinkt bier en krijgt een loopneus), maar ook door alcohol zelf dat de bloedvaten in de neus doet uitzetten (waardoor je neus dicht gaat zitten, een niet-allergisch mechanisme). Sommige mensen krijgen ook last van hoesten, benauwdheid of een astma-aanval na het drinken. Astmapatiënten merken relatief vaak dat alcohol (vooral wijn) hun astma verergert: in onderzoeken geeft 30–40% van de mensen met astma aan dat drank hun klachten uitlokt of versterkt. Dit gebeurt meestal bij wijn of bier en men denkt dat sulfiet de trigger is. Sulfiet is een conserveermiddel (E220-E228) dat veel in wijn zit en ook in bier kan voorkomen. Ongeveer 5-10% van astmapatiënten is gevoelig voor sulfieten: zij kunnen een piepende ademhaling, hoesten of zelfs ernstige astma-aanval krijgen na het nuttigen van sulfietbevattende drank of voeding. Belangrijk om te weten: dit is meestal geen IgE-allergie, maar een reflexmatige prikkel van de luchtwegen. Toch kan het klinisch ernstig zijn (er zijn tragische gevallen bekend van astmapatiënten die overleden na wijn met sulfiet omdat hun astma ongecontroleerd opvlamde). Naast sulfiet kunnen ook histamine en andere biogene aminen in met name rode wijn luchtwegklachten geven, vooral bij mensen met gevoelige luchtwegen of een DAO-enzymtekort (Wüthrich, 2018).

  • Maag/darm: Buikpijn, misselijkheid, braken of diarree kort na alcoholinname kunnen onderdeel zijn van een allergische reactie, zeker als ze gepaard gaan met de bovengenoemde symptomen. Soms staat maag-darmklachten op de voorgrond (bijvoorbeeld hevige buikkrampen direct na inname kan duiden op anafylaxie). Echter, alcohol zelf is ook berucht om maagklachten, het irriteert de maagwand en ontspant de slokdarmsfincter, waardoor je maagzuur kunt krijgen. Bovendien kunnen intoleranties een rol spelen: iemand met histamine-overgevoeligheid kan bijvoorbeeld maagkrampen of diarree krijgen van de histamine in rode wijn, zonder dat er sprake is van allergie. Tip: Let op het tijdsverband: allergische reacties treden meestal binnen minuten tot maximaal een uur na inname op. Puur maagklachten die pas de volgende ochtend komen, zijn waarschijnlijk eerder te wijten aan het bekende effect van alcohol (irritatie, of gewoon teveel gedronken 😉) dan aan een allergie.

  • Ernstige reacties (anafylaxie): In zeldzame gevallen kan consumptie van alcoholhoudende dranken een anafylactische shock uitlokken. Dit is een levensbedreigende allergische reactie waarbij meerdere orgaansystemen betrokken zijn: de persoon kan galbulten krijgen, opgezwollen keel (waardoor moeilijk ademhalen), een piepende ademhaling, snelle pols, bloeddrukval, verwardheid of bewustzijnsverlies. Anafylaxie op een slok alcohol is gelukkig uiterst zeldzaam, maar wel gerapporteerd. Meestal bleek de oorzaak achteraf niet de ethanol zelf, maar een specifiek allergeen in de drank. Bijvoorbeeld: iemand met een granenallergie neemt een slok bier en krijgt anafylaxie, dat is dan een graan-allergische anafylaxie. Er zijn ook casussen van anafylaxie bij wijn, waarbij de persoon bijvoorbeeld allergisch was voor een eiwit van de druivenschil of voor een toegevoegde stof. Zeer opmerkelijk is “exercise-induced anaphylaxis” in combinatie met alcohol: er is een casus beschreven van iemand die wijn dronk en daarna ging sporten, en alleen in combinatie van die twee een anafylaxie kreeg. Lees hierover meer op: Anafylaxie door inspanning en voeding: zeldzaam maar levensbedreigend.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Wanneer je vermoedt dat je allergisch reageert op alcoholhoudende dranken, is het verstandig om dit met een arts te bespreken. Vaak zal de huisarts je doorverwijzen naar een allergoloog of soms een dermatoloog. De specialist zal eerst een uitgebreide vragenlijst doorlopen:

  • Welke drank(en) geven klachten? Is het specifiek bier, wijn, likeur of “alles met alcohol”?
  • Welke symptomen treden op en hoe snel na consumptie? Zijn het typische allergische symptomen (huiduitslag, zwelling, jeuk, benauwdheid) of meer intolerantieverschijnselen (flush, hoofdpijn, misselijk maar geen uitslag)?
  • Hoeveel is er nodig voor klachten? (Allergie kan al bij slokjes optreden, intolerantie meestal pas bij een wat grotere hoeveelheid.)
  • Heb je onderliggende allergieën of astma? Bijvoorbeeld iemand met bekende huisstofmijt– of pollenallergie heeft iets meer kans op alcoholgerelateerde neussymptomen. Of iemand met astma en sulfietgevoeligheid. Ook bestaande voedselallergieën zijn belangrijk: misschien reageer je op wijn omdat je eigenlijk een druivenallergie hebt. Of als je contactallergisch bent voor een ingrediënt in cosmetica (bijv. parfum), zou ingestie van een verwante stof in drank een reactie kunnen geven.
  • Gebruik je bepaalde medicijnen? Dit kan indirect relevant zijn. Sommige medicijnen veroorzaken flush in combinatie met alcohol (denk aan bepaalde bloeddrukmedicatie).

Na zo’n voorgeschiedenis kunnen gericht allergietesten gedaan worden. Dit gebeurt op een paar manieren:

  • Huidpriktesten (pricktests): Hierbij brengt de arts of assistent druppels met verdachte allergenen op je huid (meestal binnenzijde onderarm) en prikt er doorheen. Voor alcoholhoudende dranken bestaat niet één standaardtest, maar de arts kan testen met de afzonderlijke ingrediënten. Bijvoorbeeld, bij verdenking “bierallergie” kan men priktesten doen met gerstmout, hop-extract, tarwe, gist en eventueel het bier zelf (op de pols druppelen en even laten, of inprikken). Bij verdenking van een “wijnallergie” kan getest worden op druif-extract, en op eventuele additieven (er bestaan testoplossingen voor sulfiet, hoewel die vaak geen IgE-gemedieerde reactie tonen). Ook kan men je huid testen met acetaldehyde of acetaat, afbraakproducten van alcohol, maar doorgaans zijn die huidtesten zo nodig positief, terwijl bloed-IgE negatief blijft (geen echte allergie). Huidtesten kunnen dus helpen om allergie voor graan, druif, hop, enz. op te sporen.

  • Patch test (plakproef): Dit is vooral van belang als er een vermoeden is van contactallergie. Stel je krijgt eczeem nadat je bepaalde likeur drinkt, en je hebt een geschiedenis van parfumallergie. Dan kan de dermatoloog een plakproef doen met de verdachten (bijv. limoneen, of Balsam of Peru, of sulfiet). Bij zo’n test worden stoffen 48 uur op de rug geplakt om te kijken of er een eczeemreactie optreedt (type IV allergie). Als bijvoorbeeld een patchtest positief is voor Balsam of Peru, dan weet men dat je een contactallergie hebt. In combinatie met je verhaal (eczeem flare na bepaalde likeur) kan dat duiden op systemische contactdermatitis: de Balsam of Peru in die drank veroorzaakt via het bloed elders eczeem. Patchtesten zijn zinvol als huidklachten (eczeem, roodheid) op de voorgrond staan en er een patroon is met bepaalde ingrediënten.
  • Bloedonderzoek (specifiek IgE): Met bloedtests (zoals RAST/ImmunoCAP) kan gekeken worden of je IgE-antistoffen hebt tegen bepaalde voedselallergenen. Er bestaan testen voor hop, gerst, tarwe, druif en gist. Houd er rekening mee dat voor zeldzame allergenen (bijv. hop of druif) niet elk lab zo’n test in huis heeft; soms wordt er dan naar een gespecialiseerd lab opgestuurd. Als de bloedtest positief is voor, zeg, gerst, dan bevestigt dat een graanallergie als oorzaak. Vaak blijft dit soort bloedonderzoek echter negatief bij alcoholgerelateerde klachten, zeker als het om intolerantie of een onbekende trigger gaat.

  • Provocatie: In sommige gevallen kan de arts een provocatietest voorstellen. Dit gebeurt áltijd onder strikte medische observatie, vanwege het risico. Wij voeren deze test daarom ook niet uit in onze kliniek en verwijzen hiervoor door. Bijvoorbeeld: men wil objectief bevestigen of je op sulfiet reageert. In het ziekenhuis kan men je dan een drank met en zonder sulfiet laten drinken in oplopende doses en zien of er iets gebeurt. Of als de oorzaak onduidelijk is, een gezuiverd alcohol-oplossinkje laten drinken om te zien of dat iets doet (meestal niet, wat een allergie voor pure alcohol onwaarschijnlijk maakt). Provocatietesten zijn belastend en worden alleen gedaan als het echt nodig is voor de diagnose of om twijfel weg te nemen.

Samenvattend is een echte allergie voor alcoholhoudende dranken zeldzaam, maar kunnen klachten wel degelijk optreden door andere ingrediënten in bier, wijn of sterke drank.

Bronnen

  • Bansal, R. A., Tadros, S., & Bansal, A. S. (2017). Beer, cider, and wine allergy. Case Reports in Immunology, 2017, Article ID 7958924. https://doi.org/10.1155/2017/7958924
  • Gonzalez-Quintela, A., Vidal, C., & Gude, F. (2004). Alcohol, IgE and allergy. Addiction Biology, 9(3-4), 195–204. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/15511713/
  • Jaeckels, N., Bellinghausen, I., Fronk, P., Heydenreich, B., Saloga, J., & Decker, H. (2015). Assessment of sensitization to grape and wine allergens as possible causes of adverse reactions to wine: a pilot study. Clinical and Translational Allergy, 5(1), 21. https://doi.org/10.1186/s13601-015-0065-8
  • Ramachandran, V., Cline, A., Summey, B., & Feldman, S. (2019). Systemic contact dermatitis related to alcoholic beverage consumption. Dermatology Online Journal, 25(9), 13030. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/31738848/ 
  • Song, Z., Chen, W., Huang, X., et al. (2014). Sensitization to beer ingredients in Chinese individuals with beer allergy: a clinical study of 20 cases. International Archives of Allergy and Immunology, 163(2), 135–141. https://doi.org/10.1159/000356703
  • Wüthrich, B. (2018). Allergic and intolerance reactions to wine. Allergologie Select, 2(1), 80–88. https://doi.org/10.5414/ALX01420Ehttps://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/12589356/
  • Pastorello, E. A., Farioli, L., Pravettoni, V., Ortolani, C., Fortunato, D., Giuffrida, M. G., Perono Garoffo, L., Calamari, A. M., Brenna, O., & Conti, A. (2003). Identification of grape and wine allergens as an endochitinase 4, a lipid-transfer protein, and a thaumatin. Journal of Allergy and Clinical Immunology, 111(2), 350–359. https://doi.org/10.1067/mai.2003.35
  • Australasian Society of Clinical Immunology and Allergy. (2024). Sulfite sensitivity. Beschikbaar op Allergy.org.au: https://www.allergy.org.au/patients/other-allergy/sulfite-sensitivity
  • Lester, M. R. (1995). Sulfite sensitivity: Significance in human health. Journal of the American College of Nutrition, 14(3), 229–232. https://doi.org/10.1080/07315724.1995.10718500
  • Vally, H., & Thompson, P. J. (2001). Role of sulfite additives in wine induced asthma: Single dose and cumulative dose studies. Thorax, 56(10), 763–769. https://doi.org/10.1136/thorax.56.10.763
  • Asero, R., Mistrello, G., Roncarolo, D., Amato, S., & van Ree, R. (2001). A case of allergy to beer showing cross-reactivity between lipid transfer proteins. Annals of Allergy, Asthma & Immunology, 87(1), 65–67. https://doi.org/10.1016/S1081-1206(10)62325-3
  • Egger, M., Hauser, M., Mari, A., Ferreira, F., & Gadermaier, G. (2010). The role of lipid transfer proteins in allergic diseases. Current Allergy and Asthma Reports, 10(5), 326–335. https://doi.org/10.1007/s11882-010-0128-9
  • García-Casado, G., Crespo, J. F., Rodríguez, J., & Salcedo, G. (2001). Isolation and characterization of barley lipid transfer protein and protein Z as beer allergens. Journal of Allergy and Clinical Immunology, 108(4), 647–649. https://doi.org/10.1067/mai.2001.118793
  • Quercia, O., Zoccatelli, G., Stefanini, G. F., Mistrello, G., Amato, S., Bolla, M., Emiliani, F., & Asero, R. (2012). Allergy to beer in LTP-sensitized patients: Beers are not all the same. Allergy, 67(9), 1186–1189. https://doi.org/10.1111/j.1398-9995.2012.02872.x
  • Salminen, T. A., Blomqvist, K., & Edqvist, J. (2016). Lipid transfer proteins: Classification, nomenclature, structure, and function. Planta, 244(5), 971–997. https://doi.org/10.1007/s00425-016-2585-4
  • Van Winkle, R. C., & Chang, C. (2014). The biochemical basis and clinical evidence of food allergy due to lipid transfer proteins: A comprehensive review. Clinical Reviews in Allergy & Immunology, 46(3), 211–224. https://doi.org/10.1007/s12016-012-8338-7
Denkt u dat u een allergie heeft?

Bij aanhoudende klachten is het belangrijk om dit te bespreken met uw huisarts of specialist. Met een verwijzing kunt u bij ons terecht voor allergieonderzoek.

We helpen u graag verder — zonder lange wachttijden.